
Elke dam belemmert de doorstroming van water. Daarom geldt dat er in principe geen dammen mogen worden aangelegd of sloten worden gedempt. Er zijn natuurlijk situaties te bedenken waar een dam wel gewenst óf zelfs noodzakelijk is. Hiervoor is een ontheffing van het waterschap nodig.
In het algemeen is het leggen van dammen en het dempen van waterlopen vanuit het oogpunt van waterbeheer ongewenst vanwege:
Ook vanuit verkeersoogpuntis er een aantal aspecten waarom dammen en dempingen niet wenselijk zijn:
Indien u een dam wilt aanleggen of een gedeelte van de sloot wilt dempen, neem dan, voor u het aanvraagformulier instuurt, eerst contact op met de opzichter van het werkgebied. Dit kan via telefoonnummer 088-246 1000 (lokaal tarief). Hij zal aangeven welke mogelijkheden er zijn om een ontheffing te krijgen.
Het Besluit bodemkwaliteit - voorheen het Bouwstoffenbesluit - bevat regels voor het toepassen van steenachtige bouwstoffen (zoals stortsteen, beton of bakstenen) en grond en baggerspecie op of in de bodem en in het oppervlaktewater. Het aanleggen van een dam of een beschoeiing met steenachtige bouwstoffen, maar ook het dempen van een sloot met grond of bagger is dus aan voorwaarden gebonden. Het Besluit geeft aan aan welke kwaliteitseisen bouwstoffen, grond en baggerspecie moeten voldoen, hoe de kwaliteit moet worden bepaald en of melding van een toepassing verplicht is.
Op verzoek van het waterschap heeft Tauw een handreiking opgesteld: de Praktische Handreiking Besluit Bodemkwaliteit. Deze rapportage geeft een praktische invulling aan veel voorkomende werkzaamheden binnen de dagelijkse praktijk van het waterschap, geënt op de regels van het Besluit bodemkwaliteit. De regels worden vertaald naar de dagelijkse praktijk van het waterschap door een beschrijving en uitwerking van diverse cases. De handreiking bestaat uit twee delen: