
Om de veiligheid op onze wegen te kunnen waarborgen neemt het waterschap verschillende maatregelen. Langs diverse drukke doorgaande routes legt het waterschap vrijliggende fietspaden aan.
Op andere drukke fietserroutes kiest het waterschap ook voor fietswegen. Het verlagen van de maximumsnelheid, het aanbrengen van de juiste wegmarkering of het creeren van veilige fietsoversteekplaatsen behoren ook tot de mogelijkheden.
Op een groot deel van de waterschapswegen geldt een maximumsnelheid van zestig kilometer per uur. Deze maximumsnelheid is ingevoerd om het aantal ernstige ongelukken terug te dringen.
Op drukke doorgaande routes is het soms verstandig langzame en snelle verkeersdeelnemers van elkaar te scheiden. Een goede en verkeersveilige oplossing is het aanleggen van een vrijliggend fietspad.
Een weg met een opvallende bult in het midden, die zes centimeter hoog is. Dit is de fietsweg. De automobilist moet zich hier aanpassen. De snelheid van automobilisten gaat zichtbaar naar beneden en fietsers voelen zich een stuk veiliger.
De strepen op de weg geven welke snelheid geldt. Zijn er geen of alleen nog onderbroken strepen langs de wegen te zien dan geldt hier een maximumsnelheid van 60 kilometer per uur. Als er ook een streep in het midden van de weg staat dan is de maximumsnelheid 80 kilometer per uur. De maximumsnelheid is dus als het goed is af te leiden aan de strepen op de weg. Helaas zijn nog niet alle waterschapswegen op orde.